De bril van Bert – Leraren hechten te veel belang aan recepten. Die kan je ook in het kookboek vinden.

Wie de wereld niet kent, moet hem machteloos ondergaan.” Zo sprak Liesbeth Van Impe, politiek hoofdredacteur van Het Nieuwsblad, onlangs bij de voorstelling van het nieuwe boek ‘500 woorden die iedereen moet kennen om de actualiteit te begrijpen’. Studenten journalistiek – maar bij uitbreiding ook uit de lerarenopleiding – zouden de wereld namelijk niet meer begrijpen. Het ontbreekt hen aan ‘kennis’.

De onderwijsdebatten van de afgelopen maanden draaien in essentie om één ding: wat is de beste manier om leerlingen kennis bij te brengen zodat ze de wereld wél begrijpen? Deze vraag vertrekt vanuit de idee dat leren eenrichtingsverkeer is. Nochtans kunnen we als leraar en als ruimere maatschappij ook veel terugkrijgen van lerende jongeren. Zonder het zelf te beseffen, dragen jongeren immers essentiële kennis in zich om tot nieuwe vormen van samenleven en werken te komen. Daarom is de vraag niet hoe we ervoor kunnen zorgen dat jongeren de wereld beter begrijpen, maar eerder hoe we hen ertoe kunnen brengen om die wereld mee te maken.

Als een chef-kok zijn leerlingen enkel het recept geeft voor bearnaisesaus, zal hij dan door hen de perfecte saus voorgeschoteld krijgen? Allicht niet. Een goede kok moet weten waar hij op moet letten opdat de saus niet overkookt of schift. Dat vergt ervaring en inzicht. Dat is dus wat die chef moet overbrengen.

Ook heel wat leraren hechten nog te veel belang aan het overdragen van ‘recepten’. Loutere kennis en feiten, die studenten ook op internet of in (kook)boeken kunnen vinden. Dat kan efficiënter. Bovendien dragen heel wat leraren (te) weinig inzichten en ervaring over. Die ervaring is voor de leraar vaak te evident, te verborgen, en wordt daarom niet uitgesproken. Een gemiste leerkans voor de jongeren.

Vraag je jezelf soms af hoe vaak je nog met nieuwe, spannende dingen bezig bent? Dingen waarin je zelf nog wil en kan leren? Breng die vraagstukken mee naar de klas, en je zal iets moois zien gebeuren. Wat jou intrigeert en passioneert, kan je sterk overbrengen. Je kan uitleggen waarom het onderwerp boeiend en relevant is om te ‘kennen’.

Vervolgens breng je de echt complexe wereld in de klas. Geen in vakjes gestopte, perfect didactisch opgedeelde leerstofonderdelen, maar real life content, zoals jij het ervaart. Vraag je studenten om online op zoek te gaan naar achtergrond en informatie. Jullie kunnen samen bronnen vergelijken op betrouwbaarheid en bruikbaarheid. Zo leg je verschillende laagjes informatie naast en op elkaar.

Net omdat het ook voor jou nieuw is, ga je je professionele redeneervermogen activeren. Je denkt luidop na, je stelt vragen, je zoekt, je duidt, je toont hoe je een probleem kan aanpakken. Je expliciteert wat anders impliciet blijft en helpt leerlingen een stukje van de wereld te begrijpen.

En de leerlingen? Die kunnen je misschien verrassen met hun ‘brilliantly stupid questions’… Zo ontwikkelen jullie samen nieuwe kennis om eens stukje van de wereld van morgen te maken. Dan ‘pakt’ de saus altijd.

Bert Smits is sociaal pedagoog, auteur en ondernemer. Hij is mede-oprichter van het ‘Mysterie van Onderwijs’, een platform dat innovatie en ondernemerschap in onderwijs wil stimuleren. www.bertsmits.be

Dit artikel komt uit

Klasse voor Leraren van november 2013 (nr. 239)
Van pagina 53 tot en met 53